Engels

go

Nederlands
gegaan, gaan, ga

Voorbeeldzinnen

WoordVoorbeeldVertaling
goesVoorbeeldThe woman goes.VertalingDe vrouw gaat.
goVoorbeeldGo and see it.VertalingGa het bekijken.
wentVoorbeeldMy parents went to the restaurant.VertalingMijn ouders gingen naar het restaurant.
goneVoorbeeldWe have gone to the park to play.VertalingWij zijn naar het park gegaan om te spelen.
goingVoorbeeldI am sure that they are going to allow it.VertalingIk weet zeker dat zij het gaan toestaan.
goingVoorbeeldGoing to school is sometimes necessary.VertalingNaar school gaan is soms noodzakelijk.
goVoorbeeldThey did not go to school today.VertalingZij zijn vandaag niet naar school gegaan.

vervoeging van go

PersonPresentPast
Igowent
he/she/itgoeswent
you/we/theygowent
Leer Engels in slechts 5 minuten per dag. Gratis.